Suzanne-met-de-mooie-ogen is een snelgroeiende, rijkbloeiende en niet-winterharde eenjarige klimplant die oorspronkelijk afkomstig is uit Zuid- en Oost-Afrika. De plant dankt haar Nederlandse naam aan de opvallende goudgele tot oranjegele bloemen met een karakteristiek donkerbruin tot zwart hart. Van de vroege zomer tot aan de eerste nachtvorst verschijnen onafgebroken nieuwe bloemen, waardoor de plant maandenlang voor een kleurrijke en exotische uitstraling zorgt. Naast de bekende gele varianten zijn er ook cultivars verkrijgbaar met witte, crèmekleurige, abrikooskleurige en oranje bloemen. Dankzij de rankende stengels klimt Suzanne-met-de-mooie-ogen moeiteloos langs gaas, klimrekken, pergola's, obelisken, bamboestokken, hekwerken, schuttingen en balkonrelingen. Door haar snelle groei is zij ideaal om in korte tijd een kale muur of schutting te bedekken met frisgroen blad en een overvloed aan bloemen. Ook in grote potten, balkonbakken, hanging baskets en kuipen komt deze plant uitstekend tot haar recht. Zonder klimhulp hangen de ranken sierlijk over de rand, waardoor ze ook als hangplant zeer decoratief is. De bloemen trekken bovendien veel bijen, hommels en vlinders aan en leveren daarmee een waardevolle bijdrage aan een insectvriendelijke tuin.De
plant groeit het beste op een warme, zonnige en beschutte standplaats in een vruchtbare, humusrijke en goed doorlatende grond. Regelmatig water geven is belangrijk, vooral tijdens warme en droge perioden, maar voorkom dat de wortels langdurig in natte grond staan. Door uitgebloeide bloemen regelmatig te verwijderen, wordt de vorming van nieuwe bloemknoppen gestimuleerd en blijft de plant nog langer rijk bloeien. Hoewel Suzanne-met-de-mooie-ogen in ons klimaat meestal als eenjarige wordt gekweekt, kan zij binnenshuis of in een verwarmde serre meerdere jaren worden gehouden als kamer- of kuipplant. Suzanne-met-de-mooie-ogen wordt uitsluitend als sierplant gekweekt en heeft geen culinaire toepassing. De bloemen en bladeren zijn niet bedoeld voor consumptie.
Door haar warme bloemkleuren laat deze klimplant zich uitstekend combineren met tal van andere tuinplanten. Blauwe bloeiers zoals lobelia, salvia, ageratum en heliotroop zorgen voor een sterk kleurcontrast, terwijl paarse bloemen van verbena, petunia, ijzerhard en lavendel een harmonieus geheel vormen. Ook witte zomerbloeiers zoals bacopa, cosmea, gaura en witte petunia's passen uitstekend bij de warme tinten van de bloemen. Voor een mediterrane uitstraling combineert Suzanne-met-de-mooie-ogen prachtig met oranje en rood bloeiende planten zoals oostindische kers, leeuwenbek, zinnia en dahlia. Siergrassen, zoals lampenpoetsersgras en vedergras, geven de beplanting een luchtig karakter, terwijl donkerbladige planten zoals Ipomoea batatas 'Blackie', coleus of paarse basilicum de gele bloemen extra laten opvallen. Ook samen met andere eenjarige klimplanten, zoals pronkerwt (Lathyrus odoratus), klokwinde (Cobaea scandens) en winde (Ipomoea), vormt zij een schitterende combinatie, mits iedere plant voldoende ruimte en een eigen klimsteun krijgt. Suzanne-met-de-mooie-ogen is een van de meest geliefde eenjarige klimplanten. Dankzij haar uitbundige bloei, snelle groei, eenvoudige verzorging en grote aantrekkingskracht op bestuivende insecten zorgt zij al binnen één groeiseizoen voor een weelderige, kleurrijke en tropische sfeer in borders, op terrassen, balkons, pergola's en schuttingen. Suzanne-met-de-mooie-ogen bloeit van juni tot en met oktober. Niet winterharde eenjarige. Hoogte: 200 - 300 cm. Breedte: 40 - 80 cm.
Binnen zaaien: november - februari
Buiten zaaien: eind april - begin juni
Kiemtijd: 14 - 21 dagen
Kiemtemperatuur: 18 - 22 °C
Zaaidiepte: ½ cm
Plantafstand: 20 - 30 cm
Standplaats: zonnig - beschut
Bloeiperiode: juni - oktober
Suzanne-met-de-mooie-ogen kan als kamerplant worden gehouden. Dan kan ze het hele jaar door binnen in grote bloempotten (20 cmØ) worden gezaaid. Zorg wel tijdens de bloei en bij veel zon ervoor dat de plant voldoende water krijgt. Hoewel ze niet erg hoog wordt in potten, moet ze wel ondersteund worden met bijvoorbeeld een bamboestok.
Wilt u de planten buiten zetten als tuinplant dan kan er vanaf november binnen worden gezaaid. Zaai in aparte potten gevuld met goed vochtig gemaakte zaaigrond. Zaai 1 - 2 zaden per pot en bedek de zaden met een zeer dun laagje zaaigrond. Dit is namelijk een lichtkiemer. Zorg voor voldoende warmte en licht en laat de zaden niet uitdrogen. Zorg dat de temperatuur zo gelijkmatig mogelijk blijft (20 - 22 °C) en laat vooral de temperatuur 's nachts niet dalen. Verpot de zaailingen, zodra zij groot genoeg zijn om te hanteren in aparte, grotere potten. Zet ze hierna iets koeler (15° C) weg. Hard de zaailingen in het begin van mei ongeveer 10 dagen af, door ze overdag buiten te zetten op een zonnige, beschutte plaats. Hierna kunnen de planten op hun definitieve plaats buiten worden gezet. Zorg voor een zeer zonnige plaats met beschutting tegen de wind en goed waterdoorlatende grond. Geef de planten ook een stevige ondersteuning. Bijv. een heg, hek of muur.
Buiten zaaien kan vanaf eind april, als er geen kans meer is op nachtvorst. Zorg voor een goed bemeste, zeer zonnige en beschutte plaats met goed waterdoorlatende grond. De temperatuur moet minstens 10 °C zijn om de zaden te laten ontkiemen. Zaai de zaden ongeveer 15 cm van elkaar af en hark ze voorzichtig in de grond. Bedek de zaden met een zeer dun laagje zaaigrond. Houd de grond tijdens de kieming goed vochtig en onkruidvrij. Dun de zaailingen, zodra ze groot genoeg zijn om te hanteren uit op 20 - 30 cm. Geef deze klimplant een ondersteuning zoals bijv. een hek, muur of pergola. Geef voldoende water in de groei- en bloeiperiode.