Paardenmunt is een zeer sterk ruikende plant uit de lipbloemenfamilie (Lamiaceae) net als o.a.: Basilicum, Tijm, Rozemarijn, Salie, Oregano, Pepermunt, Hondsdraf, Witte Dovenetel, Bosandoorn, Gewone Brunel, Lavendel, Kattenkruid, Siersalie, Bergamot, Hennepnetel, Steentijm, Glidkruid, Siernetel, Gamander en Zenegroen. Deze familie is zeer groot met erg veel bekende kruiden en tuinplanten. De meeste soorten zijn zeer sterk ruikend en rijk aan etherische oliën.
Ze zijn ook zeer belangrijk voor de biodiversiteit en voor de diverse nuttige insecten in de tuin. Het zijn ook heel mooie sierplanten die tot hun recht komen in de border, in de tuin, in de insect vriendelijke tuin, in de natuurtuin en natuurlijk in een pot op bijv. het balkon. Ook zijn de planten vaak gemakkelijk te kweken, rijk geurend, eetbaar en ook nog eens insect vriendelijk. Paardenmunt wordt ook wel wilde munt genoemd. Paardenmunt komt in de natuur voor in grote delen van Europa, waaronder in Nederland. Paardenmunt groeit vaak in bermen, op vochtige graslanden, in vochtige weilanden en langs waterkanten. De kleine aarvormige bloemetjes zijn lila tot lichtpaars gekleurd. Zij bloeien boven langwerpig, grijsgroen en lichtbehaard blad. De geur en smaak van Paardenmunt is sterk muntachtig en kruidig. En ook iets scherper dan de geur en smaak van Pepermunt.
De toepassingen van Paardenmunt zijn divers: het kan in de keuken worden gebruikt in soepen, sauzen, gerechten met munt, in thee. Maar door de wat bittere smaak is het niet zo populair als Pepermunt. Medicinaal wordt het gebruikt bij verkoudheid, spijsverteringsklachten en lichte ontstekingen. Men gebruikt in dit geval de etherische olie. Paardenmunt wordt ook gebruikt om de biodiversiteit te bevorderen. Het trekt veel bijen, vlinders, zweefvliegen en andere nuttige insecten aan. Paardenmunt kan ook licht insect werend werken tegen bijv. muggen. Paardenmunt is een sterke en robuuste groeier. Hij is geschikter als wilde plant dan als culinaire plant. Zet Paardenmunt op een licht vochtige, zonnige plek met half schaduw. Paardenmunt heeft weinig onderhoud nodig. Het blad is zowel vers als gedroogd te gebruiken. Het is net als alle andere muntsoorten, een plant die sterk woekert en zichzelf via worteluitlopers vermenigvuldigt. Het is dus verstandig om deze plant de ruimte te geven en als u woekeren wilt voorkomen, de plant aan de onderkant af te sluiten. Paardenmunt is een sterke, inheemse muntsoort die bekend staat om zijn krachtige groei, kruidige en sterke geur en zijn waarde voor diverse nuttige insecten. Paardenmunt trekt bijv. honingbijen, metselbijen, zandbijen, hommels, zweefvliegen, citroenvlinders, koolwitjes, atalanta, dagpauwoog, kleine vos, bont zandoogje, zwartsprietdikkopje en geelsprietdikkopje aan. Paardenmunt bloeit van juli t/m september. Winterharde meerjarige. Hoogte: 50 - 120 cm.
Buiten zaaien: maart - juli
Kiemtijd: 10 - 31 dagen
Kiemtemperatuur: 10 - 23 °C
Zaaidiepte: oppervlakkig - 1 mm
Plantafstand: 20 - 25 cm
Standplaats: zeer zonnig en beschut
Oogstperiode: 80 - 100 dagen
Bloeiperiode: juli - oktober
Zaai deze winterharde vaste plant vanaf maart buiten op een zonnige, goed waterdoorlatende plek met wat extra grit voor de drainage. Zaai de zeer kleine, stofachtige zaadjes voorzichtig en spaarzaam. Het is handig om het zaad te vermengen met droog zand. Dit maakt het zaaien gemakkelijker en u kunt zo ook zien waar u gezaaid heeft. Zaai oppervlakkig en bedek de zaden met een zeer dun laagje zaaigrond. Houd goed vochtig en onkruidvrij. Houd de temperatuur zo gelijkmatig mogelijk en laat vooral ’s nachts de temperatuur niet zakken. Paardenmunt is een zeer onregelmatige kiemer en het kan lang duren (31 dagen) voordat er iets opkomt. Geef de moed niet te snel op.
Dun de jonge plantjes, zodra zij groot genoeg zijn om te hanteren, uit op ongeveer 20 - 25 cm.
Houd de grond goed vochtig, maar niet te nat om rotting en schimmelvorming te voorkomen. Paardenmunt is een zeer taaie, winterharde, halfharde heester die gebruikt wordt voor het maken van kruidenthee, etherische oliën en als keukenkruid. Dit plantje kan zeer goed worden gedroogd. Hang de geplukte takken samen in een goed geventileerde, warme kamer of buiten onder een afdak. Hang ze niet in de volle zon omdat dit de bloemetjes en blaadjes verkleurd. Na 10 - 14 dagen zouden ze droog genoeg moeten zijn. Verpulver de bloemetjes en het blad. Hierna kunt u ze in plastic bakken of glazen potten bewaren. Kan op deze manier 6 tot 12 maanden worden bewaard.