Witlof Mechelse Middelvroeg is een traditioneel ras dat geschikt is voor de teelt met dekgrond. De wortels kunnen vanaf december tot april worden getrokken en vormen kleine, stevige en dicht gesloten kroppen. De kroppen zijn helderwit met licht- tot donkergele bladpunten en hebben een frisse, aangenaam licht bittere smaak. Door de compacte structuur en stevige bladeren is Mechelse Middelvroeg bijzonder veelzijdig in de keuken.
Rauw is witlof heerlijk fris en knapperig. Snijd de kroppen fijn voor salades of gebruik de afzonderlijke bladeren als kleine schuitjes die gevuld kunnen worden met bijvoorbeeld roomkaas, zachte geitenkaas, blauwe kaas, gerookte zalm, garnalen of een frisse salade. De licht bittere smaak combineert uitstekend met zoete en frisse ingrediënten zoals appel, peer, sinaasappel, mandarijn, druiven en granaatappel. Ook walnoten, hazelnoten, rozijnen, honing en verschillende soorten kaas vormen goede combinaties. Een dressing met honing, mosterd, yoghurt of citrus brengt het bittertje mooi in balans.
Witlof Mechelse Middelvroeg is ook uitstekend geschikt voor warme bereidingen. Witlof kan worden gekookt, gestoomd, gestoofd, gebakken, gegrild of in de oven worden bereid. Een klassieker is witlof omwikkeld met ham en gegratineerd met kaas of een romige kaassaus. De kroppen kunnen ook in de lengte worden gehalveerd en langzaam in boter worden gebakken. Door witlof licht te karamelliseren met een beetje honing of suiker ontstaat een mooie combinatie van zoet en bitter.
Ook op de grill of barbecue komt witlof goed tot zijn recht. Halveer de kroppen, bestrijk ze met een beetje olie en gril ze kort tot de buitenste bladeren licht kleuren terwijl het binnenste gedeelte stevig blijft. Gegrilde witlof combineert uitstekend met bijvoorbeeld geitenkaas, blauwe kaas, noten, honing of een vinaigrette.
Witlof kan daarnaast worden verwerkt in ovenschotels, quiches en hartige taarten, maar ook in soepen, stamppotten, risotto en roerbakgerechten. De licht bittere smaak past goed bij aardappelen, ham, spek, kip en verschillende soorten vis. Ook met romige ingrediënten zoals boter, room en kaas ontstaat een mooie smaakcombinatie.
Wie de bittere smaak wat zachter wil maken, kan tijdens het koken een scheutje melk aan het kookwater toevoegen. Ook het verwijderen van het harde onderste gedeelte van de kern kan de bitterheid enigszins verminderen. Bij bakken, grillen of roosteren wordt de smaak vanzelf wat zachter en zoeter doordat de natuurlijke suikers in de witlof licht karamelliseren.
Bewaar geoogste witlof bij voorkeur koel en donker. Onder invloed van licht kunnen de bladeren groen verkleuren en wordt de smaak sterker en bitterder. Juist de combinatie van een knapperige structuur en een fris, licht bitter aroma maakt witlof Mechelse Middelvroeg geschikt voor zowel eenvoudige dagelijkse gerechten als meer verfijnde salades, voorgerechten en bijgerechten. Winterharde meerjarige. Hoogte: 30 - 50 cm.
Zaaien van witlof is erg ingewikkeld en uitgebreid omdat er eerst lange, dunne, vlezige wortels moeten worden geteeld en hierna worden uit deze wortels de kropjes gekweekt. Dit wordt trekken genoemd. Witlof kan wel het gehele jaar door binnenshuis worden gekweekt. Er is luchtige, goed losgemaakte grond voor nodig omdat de wortels lang moeten worden. Zaai de zaden heel spaarzaam en niet dieper dan 13 mm diep binnenshuis of buiten onder glas in februari - april zodat er in de zomer kan worden geoogst. Zeer goed vochtig en onkruidvrij houden. Na 1 - 3 weken verschijnen de jonge zaailingen.
In mei kan er in de volle grond worden gezaaid. Zorg dat de grond goed is losgemaakt. Zaai de zaden heel spaarzaam en niet dieper dan 13 mm diep in rijtjes op kleine heuveltjes. Dun de jonge zaailingen, na 1½ - 2 maanden, uit op 10 - 15 cm. Houd goed vochtig en onkruidvrij. Rooi de wortels in oktober - november. Dit is het moment waarop het trekken gaat beginnen. Zorg ervoor dat de wortels niet beschadigd raken. Leg de wortels met het blad er nog aan 1 week op de grond buiten. Dit zodat de voedingsstoffen van het blad in de wortels kunnen trekken. Zorg ervoor dat ze niet nat regenen omdat de wortels dan gaan rotten. Na deze week het blad van de wortels afsnijden, maar laat het groeipunt zitten. Het blad moet ongeveer 2 cm boven de wortel worden afgesneden. Maak hierna de wortels schoon door de grond en de dunne zijworteltjes te verwijderen. Hierna kan er worden begonnen met het trekken van de kroppen. U kunt ook maximaal 6 weken wachten met het trekken, maar dan moet u de wortels op een droge, koele plaats bewaren met een maximum temperatuur van 5 °C.
Het trekken van de kroppen kan op verschillende manieren:
Trekken met dekgrond (buiten):
Maak de wortels goed schoon. Maak de grond goed los. Vermeng de grond eventueel met compost of zand om hem luchtiger te maken. Graaf een kuil van 20 - 30 cm diep. Zorg dat de wortels aan de bovenkant gelijk liggen met de bovenkant van de kuil. Stop de wortels, licht schuin, zo dicht mogelijk tegen elkaar aan in de kuil. De groeipunten moeten ongeveer 2 cm onder de grond zitten. Strooi een 2 cm dikke laag goed los gemaakte grond over de wortels. Begiet de wortels en laat de grond goed tussen de wortels komen. Dek de wortels vervolgens af met grond. Geef niet te veel mest omdat de kroppen hiervan gaan rotten. Varieer met de dikte van de bovenste grondlaag om de oogst te spreiden. Voor vroege oogst bedekken met 5 - 10 cm grond en voor late oogst bedekken met 30 cm grond. Bedek deze grondlaag met een laag hooi of stro om extra te isoleren. Dek het geheel af met zwart plastic om te voorkomen dat er te veel vocht bij kan komen.
Trekken zonder dekgrond (binnenshuis):
Dit kan in emmers, kisten, bloempotten of andere containers. Gebruik hiervoor zaaigrond vermengd met zand. Zet de goed schoongemaakte wortels dicht tegen elkaar aan rechtop in de door u gekozen container. Bedek met 2 cm grond en giet hier water op zodat de grond goed tussen de wortels komt. Zet de container donker weg of bedek hem met een deksel of donker plastic. Houd de wortels goed vochtig. Zet de container enkele dagen weg op 10 - 15 °C zodat de haarwortels zich goed kunnen ontwikkelen. Zet na deze koude periode de container op een warmere (15 - 20 °C) en donkere plaats. Na 3 - 5 weken kan er worden geoogst.
Voor het oogsten moet de kuil of container worden opengemaakt. Haal de gewenste hoeveelheid witlof eruit. Breek de krop van de wortels. Laat de kropjes goed drogen. Dek de kuil of container weer goed af voor de volgende oogst. Witlof kan maar kort worden bewaard, omdat het snel bruin kleurt. Bewaar witlof in de koelkast en niet langer dan 2 - 3 dagen. Witlof krijgt zijn karakteristieke witte kropjes door de wortels in het donker te laten groeien. Geef vooral in de hete zomermaanden voldoende water. De grond mag niet uitdrogen. Voorzaaien binnen is mogelijk, maar verspenen is erg slecht voor het tere wortelstelsel van witlof. Als u van mei - augustus buiten zaait, kunt u in oktober - december oogsten.