Edelweiss, is een iconische bergplant uit het Europese hooggebergte en hét symbool van de Alpen. De plant staat voor moed, zuiverheid en trouw en geldt als nationaal symbool van Oostenrijk. De naam Leontopodium betekent “leeuwenpoot”, verwijzend naar de vorm van de bloeiwijze, terwijl “edelweiss” uit het Duits komt en letterlijk “edel wit” betekent. Edelweiss wordt ook Alpenedelweiss, Alpenster en Leeuwenpoot genoemd. Edelweiss behoort tot de composietenfamilie (Asteraceae), net als onder andere zonnebloem, korenbloem, goudsbloem, echte kamille, roomse kamille, sla, witlof en margriet. De plant bloeit met opvallende stervormige, witte schijnbloemen. De witte “blaadjes” zijn in werkelijkheid viltige schutbladeren rond kleine geelachtige bloemhoofdjes. De wollige, zilvergrijze haartjes op bladeren en bloemen beschermen tegen kou, uitdroging en sterke UV-straling — typische omstandigheden in het hooggebergte. Van nature groeit edelweiss in de Alpen, maar ook in de Pyreneeën, Karpaten en Dinarische Alpen. Ze komt voor op zonnige, rotsachtige hellingen met kalkrijke, goed waterdoorlatende grond. Voortplanting gebeurt via zaad of via de wortelstok.
In het verleden werd edelweiss veel geplukt, wat leidde tot achteruitgang in het wild. Daarom is de plant tegenwoordig in verschillende Alpenlanden beschermd en wordt zij vooral gekweekt voor sierdoeleinden. Daarnaast worden extracten gebruikt in huidverzorgingsproducten vanwege hun anti oxidatieve en beschermende eigenschappen. In de tuin doet edelweiss het goed in rotstuinen of alpentuinen, mits de bodem kalkrijk en goed drainerend is, vooral in de winter. Edelweiss is zeer geliefd bij bijen en vliegen. Edelweiss wordt door bijen en vliegen bestoven. Edelweiss bloeit van juli tot en met september. Winterharde meerjarige. Hoogte: 5 - 20 cm.
Stratificatie: 7 - 21 dagen
Binnen zaaien: februari - april
Buiten zaaien: mei - juli
Kiemtijd: 14 - 42 dagen
Kiemtemperatuur: 15 - 20 °C
Zaaidiepte: oppervlakkig
Plantafstand: 20 - 30 cm
Standplaats: zonnig - goed waterdoorlatende
Bloeiperiode: juli - september (in het 2e jaar na zaaien)
Het is aan te raden om de zaden van Edelweiss te stratificeren voor het zaaien. Dit bootst namelijk de natuurlijke omstandigheden na. En zorgt voor een betere ontkieming. Hier zijn twee manieren voor:
1. stop de zaden vermengd met wat vochtig zand of aarde in een plastic zakje. Stop dit 1 tot 3 weken in de koelkast of vriezer. Laat de zaden rustig op kamertemperatuur komen (20 °C). Zaai de zaden hierna op een geschikte temperatuur.
2. Zaai de zaden in de winter buiten in de tuin. Hierdoor krijgen de zaden een natuurlijke stratificatie. Deze methode is vooral geschikt voor plaatsen waar de winters koud zijn.
Na de stratificatie in de koelkast of vriezer kan er binnen worden voorgezaaid vanaf februari. Zaai in zaaitrays of kleine, aparte potjes gevuld met goed, waterdoorlatende grond vermengd met zand of grit. Zorg dat er weinig voedingstoffen in de grond zitten. Zaai de zaden oppervlakkig en bedek ze nauwelijks. Druk de zaden licht aan. Edelweiss is namelijk een lichtkiemer. Geef het zaaisel voldoende licht en zorg voor een zo gelijkmatig mogelijke temperatuur. Laat de temperatuur vooral 's nachts niet teveel dalen. Voor het licht kan een groeilamp helpen. Houd de zaaigrond licht vochtig maar niet te nat omdat dit voor rotting kan zorgen. Geduld is belangrijk bij het zaaien van Edelweiss. Het kan 14 - 42 dagen (2 tot 6 weken) duren voordat de zaden ontkiemen. In sommige gevallen duurt het zelfs langer. Verpot de plantjes in aparte potjes als ze groot genoeg zijn om te hanteren. Dit is meestal wanneer zij een eerste paar echte blaadjes hebben. Vanaf begin mei, kunnen de plantjes enkele uren per dag buiten worden gezet om aan de buitentemperatuur te wennen. Houd dit 10 - 14 dagen vol. Hierna kunnen zij op een zonnige plek met goed waterdoorlatende grond worden gezet.
Zaai buiten vanaf half mei, zodra er geen kans meer is op nachtvorst. Het is ook mogelijk om al vroeger in het voorjaar te zaaien en zo de natuur de zaden te laten stratificeren. Zaai buiten op een zonnige plek met goed waterdoorlatende grond. Zorg voor een kalkhoudende, licht alkalische grond. Bij zware grond (klei) kan er zand, grit of kleine stenen worden toegevoegd om de waterdoorlatendheid te verbeteren. Strooi de zaden gelijkmatig uit en bedek ze niet. Druk ze voorzichtig in de grond. Edelweiss is een lichtkiemer. Houd de grond goed vochtig. Zodra de zaailingen groot genoeg zijn om te hanteren (na weken of maanden), kunnen zij op een afstand van 20 - 30 cm worden gezet. Edelweiss bloeit meestal niet in het eerste jaar; de eerste echte bloemen verschijnen vaak in het tweede jaar. Geef matig water, vooral tijdens droge periodes, maar vermijd natte voeten. Edelweiss is aangepast aan droge, bergachtige omstandigheden en houdt geen vocht vast. Je kunt volwassen planten ook verdelen in lente of herfst om nieuwe planten te verkrijgen, wat vaak makkelijker is dan zaaien.